24-04-17

ZEEMANSDROOM

Voelde me steevast een drenkeling
vannacht, toen wolken als scheepjes
 me opvisten, vanuit mijn knarsend zolderraam.
Ze dachten dat ik er niet eeuwig kon blijven staan.

Het moest er eens van komen, het leek of ze mij
in goed getij, meenamen op een windstille zee.
Spontaan bedolven onder vallende sterren.
Van verre, zag ik ze naar beneden donderen.

Wijl ik me bleef verwonderen, over mijn
open zolderraam, zag zelfs de vier poten
van mijn bed staan en een silhouet van mezelf
dat in het windstil schuitje heerlijk lag te dromen.

©De Kimpe Marleen
24 april 2017
Vorige versie: Onder de grote Ik Ben
Christelijke gedichtensite.nl
10 april 2010

22:11 Gepost in Blog, gedachten, Reizen | Permalink |